Backpack rondreis Maleisië ‘Het beklimmen van Mountain Kinabalu is een mentale en fysieke strijd met jezelf’

  • Geplaatst op
  • Door Jannes van den Brand
Backpack rondreis Maleisië  ‘Het beklimmen van Mountain Kinabalu is een mentale en fysieke strijd met jezelf’

Daar stonden mijn vriendin José Boon en ik (Jannes van den Brand) dan: op Düsseldorf airport, om in veertien uurtjes, via Amsterdam, naar Kuala Lumpur te vliegen. De start van een geweldig backpackreis door Maleisië van vijf weken lang. Hiervan boekten we de eerste drie dagen vooruit om zo relaxed aan Kuala Lumpur te kunnen wennen. De rest van onze reis was nog niet vooruit gepland en zouden we ter plekke uitzoeken.

Kuala Lumpur

Kuala Lumpur is echt een mega imposante metropool. We verbleven de eerste paar dagen in het luxe Platinum Suites: een fancy wolkenkrabber waarvoor je nog geen 65 euro per nacht betaalt. Uiteraard had ons hotel ook de beroemde infinity pool met uitzicht op de Patronas Towers, de twee iconische torens die toch wel dé eyecatchers van Kuala Lumpur zijn. En ja, ze zijn echt heel imposant!

Batu Caves

Na helemaal geacclimatiseerd te zijn in de warme en snelle stad Kuala Lumpur, reden we met een Grab (soort uber) taxi in een half uurtje naar de Batu Caves. Dit is een bijzondere tempel midden in een grot. Om bij de tempel te komen, moet je eerst een lange trap van maar liefst 270 treden bestieren. Naast de verschillende opvallende kleuren van de trap, lopen er honderden ondeugende aapjes. Deze aapjes proberen alles wat los en vast zit van je af te pakken. Eenmaal binnen kun je het grootste Hindoeïstische heiligdom buiten India bewonderen, en ik kan je zeggen: dat is indrukwekkend! 

Borneo

Wat veel mensen niet weten, is dat het bovenste deel van het eiland Borneo bij Maleisië hoort en het onderste deel bij Indonesië. Omdat José en ik liever in de natuur rondstruinen, dan in een drukke stad lopen, boekten we al vrij snel een vlucht naar het eiland Borneo. Dit eiland staat bekend om zijn natuur en wildlife. Van te voren hadden we al bedacht om de uitdaging aan te gaan om de hoogste berg van Borneo te beklimmen: De Mount Kinabalu.

Mount kinabalu

Wat een avontuur, en wat een emotionele en zware uitdaging, maar wat was het gaaf! Het kostte zeker wat bloed, zweet en tranen, maar we hebben het gehaald. De tweedaagse beklimming van de mountain kinabalu (4095 meter) in Maleisië is een mentale en fysieke strijd met jezelf. Het bereiken van de top was dan ook een euforisch gevoel! En ook het gevoel van trots op José overheerste.

Jungle rivier/ aapjes

Nog nooit had ik zoveel spierpijn. Het kostte dan ook een aantal dagen om weer bij te komen van de beklimming. Het mooie van Maleisië is dat je de ene dag midden in de jungle kan lopen en de andere dag op het strand kan liggen, een prefecte combi. Na Mount Kinabalu reisden we door naar het Noordoosten van Sabah, dit gebied staat bekent om zijn oeroude jungle met daarin de orang oetan. Wat een geweldige beesten zijn dat zeg! We hebben ze van dichtbij mogen meemaken in een orang oetan rehabilitation centrum. Dit is een opvang voor jonge orang oetans die geleerd wordt om weer zelfstandig in de natuur te kunnen leven.
De orang oetans waren niet de enige dieren die we zagen. Door middel van een tweedaagse river cruise, diep in de jungle, hebben we de flora en fauna pas écht leren kennen. Krokodillen, neusapen, 100 soorten vogels, insecten zo groot als je hand en nog veel meer! Wat een geweldige ervaring.

Van jungle naar paradijs

Na wat speurwerk kwamen we erachter dat Mabul Island in de top 5 snorkel- en duiklocaties van de wereld stond, die plek mochten we dus ook zeker niet missen. Met een vlucht naar Tawau en weer met een taxi naar het havenstadje Semporna om tot slot de boot te nemen, kwamen we aan op het mini-eilandje Pulau Mabul.

Eenmaal aangekomen op het eiland, overnachtten we in een logde bij een duikschool. Het was een verblijf dat gerund werd door een familie die alles voor je regelde: van snorkel- en duiktours tot aan dagelijks eten en drinken. Het was gezellig, er waren veel backpackers waar wij onze verhalen mee konden delen. Mabul Island is echt zo’n eiland dat je alleen op afbeeldingen in vakantiegidsen ziet. Parelwitte stranden, palmbonen en het mooiste blauwe water dat we ooit hebben gezien. Dit zorgt ervoor dat de snorkel- en duikspots oneindig mooi zijn.

Ook wij snorkelden meerdere keren en het was erg indrukwekkend. We konden tot wel 15 meter ver kijken en overal waar je keek, zag je een overweldigende hoeveelheid koraal en vissen. Als hoogtepunt waren er talloze zeeschildpadden die rondom je zwommen, dit was echt een magische ervaring.

Perhentians

Die paradijselijke strandjes bevielen ons wel. Daarom kozen we ervoor om na snorkeleiland Mabul door te reizen naar de Perhentians. Met een binnenlandse vlucht landden we weer op het vasteland van Maleisië. Onze lodge, midden in de jungle, had een trap die naar het parelwitte strand en de blauwe zee leidde. Cozy lodge, zo heette onze accommodatie, en de naam zegt genoeg. Nog meer dagen van chillen en relaxen stonden voor ons op het menu. Liep je de zee in, dan kwam je al gauw een hoop koraal tegen en hier en daar wat vissen. Tijdens onze snorkeltrip hier hebben we zelfs haaien gezien, hoe tof is dat!

Cameron Highland
Na een paar dagen relaxen en chillen, werd het wel weer tijd om door te reizen naar onze volgende bestemming: The Cameron Highlands, een berggebied dat in centraal Maleisië ligt. De Highlands staan vooral bekend om haar prachtige theeplantages. Van te voren werd ons aangeraden om dit gebied per scooter te ontdekken. Dit hebben we dan ook gedaan, wat een goede keuze bleek. Het was erg mooi en lekker toeren langs de felgroene, uitgestrekte theeplantages. Wat ons opviel, waren de Britse invloeden en de tempratuur. Het was ineens 25 graden in plaats van 35, toch wel even lekker!

Penang – George Town

Na drie dagen afkoelen in het gebergte was het tijd om door te trekken naar Penang en George Town. Penang is een deelstaat van Maleisië en bestaat voor een deel uit een groot eiland aan de Maleisische westkust. De hoofdstad is George Town en ligt in het noordoosten van het eiland. De stad is vernoemd naar de Britse koning George III. Het eiland staat bekend om zijn streetart en luxe resorts. Dit hebben we dan ook allebei mogen bewonderen. De eerste paar dagen verbleven we in het centrum van George Town, zodat we alle toffe dingen van de stad konden zien. De daaropvolgende dagen hebben we onszelf verwend met een 4-sterren resort, het was immers vakantie!

Malakka

De laatste bestemming van onze reis was Malakka, een oude VOC handelspoort. Als Nederlander moet je deze stad toch wel even bezoeken. In Malakka staat een molen, een stadhuis, een Nederlandse begraafplaats en nog veel meer Nederlandse bezienswaardigheden. Daarnaast hangt er ook een relaxte sfeer met leuke loungetentjes en een goede night market.

En toen zat onze reis door Maleisië er alweer op. Vijf weken die voorbij vlogen. We hebben zoveel mooie dingen mogen zien en meemaken. Wat een prachtig en divers land!

Ga jij zelf bijna op reis en wil je onze volgende ambassadeur worden? Meld je dan hier aan!

Backpackspullen.nl is de webshop voor echte backpackers! Wij reizen zelf de hele wereld over en gebruiken onze kennis om jou aan de beste en scherpst geprijsde reisspullen te helpen.

Door het gebruiken van onze website, ga je akkoord met het gebruik van cookies om onze website te verbeteren. Dit bericht verbergen Meer over cookies »